Het contrast met de kleurrijke, campy tv-serie uit de jaren zestig kon niet groter zijn. Tim Burton toont Gotham City donkerder en smeriger dan New York. De smalle, hoge gebouwen staan dicht op elkaar en in de krappe steegjes ertussen stijgen uit elk mangat onheilspellende stoomwolken op. Misdaadcijfers rijzen de pan uit. De enige steun waar de bewoners van deze nachtmerrie-achtige metropool op kunnen rekenen is die van the caped crusader, die ook in niets meer lijkt op tv-acteur Adam West met zijn paarse maillot. In zijn strakke, glimmende zwarte pantser oogt Batman hier hetzelfde als het kwaad dat hij tracht uit te roeien. Hij is een getraumatiseerde, bittere engel der wrake die, door zich als misdaadbestrijder op te werpen, in de eerste plaats afrekent met zijn eigen innerlijke demonen. Bruce Wayne, zoals the dark knight zich in het dagelijks leven laat noemen, werd als kleine jongen wees toen een sadistische straatrover zijn ouders vermoordde. In Burtons visie - Batman als zwijgende, norse neuroot bleek de keuze van Michael Keaton voor de titelrol uiteindelijk een sterke. Maar het contrast met de schurkenrol van Jack Nicholson werd daardoor wel een stuk groter. Met zijn kenmerkende, duivelse glimlach schmiert Nicholson er vrolijk op los als The Joker, een aartscrimineel die na in een bad met zuur te zijn gevallen zijn verminkte gezicht maskeert met clowns make-up. Kim Basinger, toen nog een A-list actrice, speelt de nieuwsgierige journaliste en Batmans romantic interest Vicki Vale. |
vs 1989 |